INFORMATIEBRIEF VOOR HET PLAGGEN VAN RIETLAND

In het Kader van het Nationaal park  Weerribben & Wieden  is er vanaf 2009 de mogelijkheid om als particuliere rietland eigenaar en als pachter van rietland in De Weerribben & De Wieden mee te liften in een gezamenlijk plagproject. Dit initiatief is in eerste instantie voor 5 jaar vastgesteld door het overlegorgaan van het Nationaal park. Voor het uitvoeringsjaar 2009 was deze mogelijkheid alleen van toepassing voor De Wieden omdat de rietpachters in De Weerribben in 2009 nog over een andere bijdrage voor het beheer van rietland beschikken. Met ingang van het uitvoeringsjaar 2010 kunnen ook pachters en eigenaren van rietland in De Weerribben in aanmerking komen voor dit gezamenlijke plagproject.

 

Als pachter of als eigenaar kunt u aangeven op bijgevoegd formulier (inclusief kaartjes) voor welke percelen u in aanmerking wil komen voor het gezamenlijke plagproject. U dient daarbij wel rekening te houden met een eigen bijdrage in de kosten van € 500,- per geplagde ha. rietland. De belangstelling zal vervolgens verwerkt worden en op basis van de bijgevoegde criteria beoordeeld worden op de plagwaardigheid van het perceel. De uitslag van deze afweging zal zo spoedig mogelijk bij u bekend worden gemaakt. Indien door u voor plaggen ingediende percelen niet plagwaardig zijn krijgt u uiteraard ook te horen op grond van welke criteria het perceel is afgevallen. Deze afweging word uiteraard voor De Weerribben in nauw overleg met de medewerkers van Staatsbosbeheer gemaakt en voor De Wieden met de medewerkers van Natuurmonumenten.
 Vervolgens zal na clustering van de percelen een keus worden gemaakt in de volgorde van plaggen. Het is dus in principe mogelijk dat uw perceel wel plagwaardig is maar als gevolg van de clustering pas over e´e´n of enkele jaren wordt meegenomen in een gezamenlijk plagproject. Ook is uiteraard de totale belangstelling en het beschikbare budget mede bepalend voor de uitvoering in 2010 en jaren daarop volgend.


Indien een of meerdere percelen van u geselecteerd zijn om in 2010 te worden geplagd, zal er een terreinbezoek plaats vinden om eventuele persoonlijke wensen en de wensen en voorwaarden m.b.t. het natuurbelang met u te bespreken. Dit bezoek en overleg zal de basis zijn voor de te maken plagkaarten en verslag met gemaakte afspraken over de inrichting en eigen bijdrage.
Vervolgens zullen de plagkaarten en de afgesproken inrichtingswensen van de cluster 2010  verwerkt worden in een bestek. Daarnaast zal in overleg met het ministerie van LNV, de provincie Overijssel en de betreffende gemeente de benodigde vergunningen worden aangevraagd. Mits alles volgens planning verloopt, zal het werk eind 2009 worden aanbesteed en in januari 2010 worden gestart met de uitvoerenig.
De projectleider van dit project is dhr W. Miedema van Natuurmonumenten, welke het ecologisch adviesbureau SuccessieNatuurzaken heeft ingehuurd om het gehele project uit te voeren en te begeleiden. dhr  N. Minnema is uw aanspreekpunt in het gehele traject (zie visitekaartje). Het bestek zal in samenwerking worden gemaakt door het bureau Eelerwoude te Oosterwolde. Dit bureau heeft voldoende ervaring met plagwerkzaamheden in De Weerribben en De Wieden.
Indien u in 2010 niet kunt mee liften in de tweede uitvoeringscluster van dit, voorlopig 5 jaar durende project heeft u, mits het perceel niet is afgewezen op basis van de huidige botanische kwaliteiten, de komende 3 jaar weer kans om voor deze gezamenlijke plagwerkzaamheden in aanmerking te komen.
PLAGCRITERIA
Na de bekendmaking van de belangstelling van de pachter of eigenaar van rietland om mee te liften in het gezamenlijke plagproject zal er in onderstaande volgorde een afweging worden gemaakt of het desbetreffend perceel plagwaardig is.

  •      Bestaande en lopende  afspraken met betrekking tot reeds geplande plagwerkzaamheden, mits zij vallen binnen de clustering.
  •      Mogelijkheden m.b.t plaggen i.v.m lopende beheerovereenkomsten.
  •      Bereidwilligheid van de pachter of eigenaar van het rietland tot het betalen van  een eigen bijdrage van € 500,- per geplagde hectare.
  •      Een afweging op basis van de bestaande natuurkwaliteit. Indien te veel rode lijst soorten aanwezig of Natura 2000 habitattype: niet plagwaardig, of deels niet plagwaardig.
  •      Relatie met reeds in uitvoering  of in ontwikkeling zijnde projecten.
  •      Beoordeling of het een vaste kragge of drijvende kragge betreft. Indien drijvende kragge geen prioriteit, zijn meer geschikt voor zomermaaibeheer.
  •      De mate van verbossings en verruigingsgevoeligheid van het perceel. Perceel met veel verbossing en verruiging heeft voorrang. ( mate van opslag per m2 ).
  •      Ligging ten opzichte van de boezem. Indien qua hoogteligging na plaggen waterriet in directe verbinding met de boezem ontstaat, dan voorrang. Tevens verdient het de voorkeur om daar waar mogelijk het plaggen te combineren met de aanleg van slootjes en/ of poelen.
  •      Bereikbaarheid, indien het perceel moeilijk bereikbaar is voor de benodigde machines, dan lagere prioriteit
  •      Mogelijkheden voor afvoer en of verwerking van het plagsel.
  •      Mogelijkheid tot clustering van meerdere te plaggen percelen.  Om het gehele werk tegen een redelijke prijs te kunnen aanbesteden zal er gestreefd worden naar clustering.